Beloofd is beloofd !!
Jongens en meisjes werden altijd zowel strikt uit elkaar alsook in de gaten gehouden. Toch waren er wel plaatsen waar de jeugd op vrijersvoeten ging. Men denke alleen al aan de kermissen en de jaarmarkten. Een veel gebruikte plek, vaak aan de rand van het dorp, was bijvoorbeeld het kerkhof. Mocht een jongen een meisje op het oog hebben, dan diende hij toestemming te vragen aan haar vader (normaal gesproken had hij dan al een paar keer het meisje ontmoet, zodat zij de kans had om hem af te wijzen). Na een paar bezoeken werden de teugels wat gevierd, maar voordat ze geheel vrijelijk met elkaar om mochten gaan moesten zij elkaar trouwbeloften doen. Dit was niet zomaar een belofte, het was bindend. Iedereen in het dorp en de omgeving wist ervan en je kon er alleen maar van af doordat de ander je ontsloeg van je belofte. Van ouds her gold dit als het echte trouwen, pas tegen 1600 werd het verplicht om voor de predikant (de kerk) te trouwen. Na de trouwbelofte volgde de “vleijselijke conversatie” of anders gezegd: de bijslaap. Niet ongebruikelijk was dat er een kind werd geboren al vóór het trouwen in de kerk of heel kort daarna.
Kennelijk hadden Jan Dibbits en Jenneken Peters Backer een oogje op elkaar laten vallen en een trouwbelofte gedaan. Jan was wellicht gaan twijfelen (of had een ander op het oog), maar Jenneken was het daar overduidelijk niet mee eens !! Zij daagt Jan voor het gerecht.
Er zijn voorbeelden bekend van processen in verband met het eenzijdig breken van de trouwbelofte en de daarop volgende gemeenschap, wat men defloratie noemde. Defloratie komt uit het Latijn en betekent "van de bloesem beroven" of zoals men het tegenwoordig zegt, voor het éérst gemeenschap hebben.
In 1638 krijgt een vrouw 100 gulden toegewezen + 25 gulden voor haar kraamkosten en 30 gulden jaarlijks (1638) voor het onderhoud van het kind tot de leeftijd van 25 jaar (het jaar van volwassenheid). Let wel: 30 x 25 = 750 gulden! Een boerenknecht verdiende toen per jaar misschien 100 tot 200 gulden!
In 1683 werden 100 rijksdaalders toegewezen, terwijl er geen zwangerschap aan de orde was.
Zoals gezegd: Jenneken Peters Backer gaat haar gelijk halen via de rechter. Onderstaande tekst beschrijft hoe zij via een beslaglegging (besaet) zowel op roerend als onroerend goed alsook op een bedrag aan geld Jan Dibbits wil houden aan zijn trouwbelofte.
Inschrijving van dit besaet vindt plaats op 17 november 1650. Later zal blijken via een ingeschreven schuldbekentenis (zie ORA 0193-301-f190v) in mei 1651 dat zij in haar opzet geslaagd is ! Uit die inschrijving blijkt namelijk dat zij intussen getrouwd zijn.
Om enig idee te krijgen van de inhoud van de beslaglegging onderstaand het letterlijke afschrift hiervan :
Jenneken Peters Backers cum Tutore Gerardo Henrici doet 't allen rechten besaet aen sodane gerede ende ongerede goederen als Johan Dibbits inden kerspel van Hervelt ende vorts in desen alingen Ampte is hebbende ende mede aen alsulcke penningen als aen voornoemde Jan Dibbits van Frederick van Welij aencomen wegen seeckere goederen soo Jan Dibbits aen den selven van Welij vercofft heeft, ende sulcx om van hem solemneel g'echt ende getrout te sijn, in crachte van gedane belofften ende darop gevolgde vleijselicke conversatie, off om reparatie ende vergoeding te hebben van hare defloratie off Maegdom ende eere cum expensis off wil hetselve niet derven noch -- missen voor duisent gulden off tot sulcken anderen einde off soo veel min off meer als het Adelicke Gerichte, in cas van oppositie, sall oordelen te behoren, Breder ten dage dienende te deduceren. Actum voor den Weledele Heere Amptman Lijnden ex oorcont Gerichtsluiden Jonker Frans van Lijnden Captein ende Hubert van Santvort, den 17e novembris 1650.
Betekenis van enkele woorden :
cum tutore ........... met voogd ORA ..... Oud Rechterlijk Archief
alingen ................ gehele cum expensis ......... met kosten
solemneel ............ kerkelijk vercofft ................. verkocht
in cas .................. in geval
Interessant in het onderzoek naar allerlei familie-relaties is in bovenstaande tekst ook de constatering dat Jan Dibbits en Frederick van Welij zaken met elkaar doen (kopen/verkopen).
Het is aannemelijk dat genoemde Frederick van Welij een en dezelfde persoon is als de Frederick van Welij die genoemd wordt in het eerder beschreven magescheid van 1649, hij treedt daar op als momber. (Momber = voogd voor onmondigen o.a. ongehuwd en jonger dan 25 jaar).